Are you finished?

Het is al een paar uur donker als we gestommel horen buiten. Tien voor negen, een skiër. “Are you finished?”, vraagt hij. Are you finished? De woorden raken me alsof ik ruw ontwaak uit een diepe slaap. Hoezo, are you finished? “Ehm, excuse me?” is het enige wat ik kan antwoorden. “Are you finished?” vraagt hij nogmaals. Het kwartje valt niet. “Ehm, yes?”. Het zal wel, wat een rare vraag. Ik vraag hem naar zijn nationaliteit. “Finland.” Nu valt het kwartje: “Are you FINNISH?”

Z’n pulk is kapot. Een andere skiër heeft hem provisorisch gerepareerd. Hij vertrouwt het niet en wil zo snel mogelijk terug naar de bewoonde wereld. Hij is zo laat omdat hij twee dagetappes in één dag gedaan heeft. Zelf vindt hij het niet laat, hij kwam iemand tegen die om half twaalf bij een hut aankwam.

P3130226

We zijn in Finland in het nationale park Urho Kekkonen. Onze Finse hutgenoot wil naar Lankojärvi net als wij. Het sneeuwt vandaag en de route die we nemen heeft geen scootertrack. We gaan traag vooruit door deze dikke, witte deken van sneeuw. We stoppen op 1/3 van de route voor de lunch. Te traag, we zullen in het donker aankomen. Via een andere pas gaan we naar Tuiskukuru, een hut die dichterbij ligt. We komen onze Finse hutgenoot nog één keer tegen, hij gaat wèl door naar Lankojärvi.

De omweg naar Tuiskukuru is de moeite waard. Een leeg landschap tot de pas, daarna wijzen besneeuwde struikjes als standbeelden ons de weg het andere dal in. De struiken gaan over in bomen die, door sneeuw behangen, bijzondere vormen aannemen. Het is een surrealistische wereld en wij zijn er de enige mensen.

P3150369

P3150408

A state of agony and torment created by the sudden sight of one’s own misery.
– Kundera

P3160418Tuiskukuru

P3160422Tuiskukuru

P3160434Tuiskukuru

P3160444Lankojärvi

Eerder in de week zijn we in de snijdende wind op weg naar Sarvioja. Op de kaart staan alleen zomerroutes en het zomerpad gaat hier ergens linksaf. Geen idee waar. Het sneeuwt en waait hard. Eigenlijk moet ik een extra jas aan en m’n wanten. Mijn duimen doen zeer van de kou. Toch doorgaan, nog een klein stuk dan zijn we uit de wind.

Afgelopen nacht hebben we het noorderlicht bewonderd bij Porttikoski: een hut in het bos langs de rivier. Idylisch. Zo verschillend van deze plek, koud en guur. Waar is dat stomme pad toch? De plaats die de kaart aangeeft is veel te steil voor ski’s met een pulk.

Tijdens deze wintertocht in Finland komen we één Fin tegen en heel veel Tsjechen. Tsjechië… Hebben ze daar niet een woord voor dit geploeter? Litost, onvertaalbaar. Kundera omschrijft het als “a state of agony and torment created by the sudden sight of one’s own misery.” Wat een dramatisch woord, ik ken geen equivalent in het Nederlands.

P3150363

“Gaat het nog?”, vraag ik. – “Ja hoor, het is gewoon zwaar.” Toch even stoppen. Dikkere jas aan, wanten aan en overleg. Welke opties hebben we? Optie één is teruggaan. Dat is geen optie. Optie twee, op de gok naar de geplande hut. Geen beste keuze: er is een aardige kans dat we de hut niet halen of dat we niet eens omhoog komen in dit steile terrein. De derde optie is om rechtdoor het volgende dal in te gaan. Daar liggen drie overnachtingsplekken in de buurt van onze route: een open schuilhut, een turfhut en Luirojärvi. Luirojärvi ligt het verst weg, dat halen we niet meer voor het donker. We mikken op de turfhut, hopelijk haalbaar in de schemer.

De jas en wanten zijn heerlijk warm. M’n duimen doen al snel geen zeer meer en het gevoel komt langzaam terug. Het einde van de pas nadert. Litost, een woord met een dramatische lading. Het betekent zoiets als jezelf ellendig voelen en je daar dan bewust van worden. Volgens Kundera wordt het gevolgd door wraak. Wraak op de oorzaak van de ellende en dat ben je natuurlijk niet zelf.

P3150362

We skiën door. Aan het einde van de pas zijn we uit de wind en precies daar komt de zon achter de wolken vandaan. We beginnen te dalen wat het skiën minder vermoeiend maakt. De wereld ziet er plots een stuk vrolijker uit. Kundera mag z’n wraak houden. We pakken het moment en houden pauze achter een paar bomen. Warme thee, een koek en de zon in Fins Lapland. Genieten, dat woord kennen ze toch ook in Tsjechië?

P3130280

Het turfhutje Raappana ligt in het bos op een schiereiland. We bereiken het in de schemer en kunnen nog maar net de kachelpijp van de kale bomen onderscheiden. De kachelpijp is het enige waaraan je dit kleine holletje onder de dikke sneeuw kan herkennen. Gelukkig heeft iemand de deur al uitgegraven.

Binnen is het twee bij twee meter groot. We zitten uit de wind en het avondeten pruttelt op onze gasbrander. Eten, thee na en dan vallen we in een comateuze slaap. “Are you finished?” – “Yes we are.”

P3140324

P3140302 - P3140316_blended_fused

P3130298

Foto’s

Klik hier om alle foto’s te zien.

Bibliografie

Karttakeskus ulkoilukartta
Saariselkä Sokosti
1 : 50 000

Praktisch

Wij eindigen onze tocht in Kiilopää. De bussen vanuit Kiilopää naar het vliegveld gaan onregelmatig! Op de website van het vliegveld staat dat er alleen bussen gaan als er een vliegtuig vertrekt of aankomt. Dit is niet helemaal correct. Er gaan alleen bussen als er een vliegtuig van een Scandinavische maatschappij vertrekt of aankomt. Wij vlogen met Transavia, er kwam geen bus en hebben op het laatste moment een taxi kunnen regelen. Een hele ervaring: in een taxi met 130 km/h over bevroren wegen vliegen.

Onze eigenbouw pulk heeft touwen in plaats van stokken. Stokken kunnen breken, touwen zijn duurzamer en makkelijk te repareren. Ze hebben ook een nadeel want bij het afdalen probeert de pulk je in te halen. Om dat tegen te gaan hebben we het idee van Ivo gebruikt van een automatische rem. De rem werkt verbazingwekkend goed. Zelfs op steile, niet te skiën stukken remde de pulk ver voordat hij me zou raken.

P3130230

Advertenties

Zeehonden spotten op de Westerschelde

Najaar, start packrafttijd. Er is weinig regen gevallen dit najaar wat zorgt voor lage waterstanden in de Ardeense rivieren. Plan B is vlak water in Nederland: de Westerschelde.

07

Zaterdag hebben we een stuk Verdronken Land van Saeftinge verkend, zondag de Plaat van Ossenisse. Kleine packrafts dobberen tussen grote oceaanreuzen.

20

Een oostenwind zorgt voor lage temperaturen. De mensen die we tegenkomen op het strand vragen of het niet te koud is om te varen en of we rekening houden met de stroming. Ze lijken packraften in deze condities extreem te vinden?

17

Terug op het strand blijkt dat het altijd extremer kan. Een man kleedt zich uit en loopt in z’n zwembroek naar het water. Hij laat een hoopje kleren en z’n schoenen achter op het strand. Na een minuutje wennen aan het koude water neemt hij een duik. Geen dry-suit, geen wet-suit, geen bierbuik met isolerend vet. Een kwartier later staat hij gezond weer op het strand. Verbazingwekkend.

En de zeehonden… die verkozen zwemmen boven zonnen op een winderige zandplaat. Een stuk of tien zeehondenkopjes hebben we boven het water uit zien komen. Zijn wij nieuwsgierig om zeehonden te zien of zijn de zeehonden nieuwsgierig naar deze opblaasbare indringers?

Foto’s

Klik hier om alle foto’s te bekijken.

De Lage Landen* packraftcursus

De packraft scene in Europa groeit! In mei werd de Swedish Packrafting Roundup (Jacob) (Konstantin) georganiseerd, nu is het tijd voor de Lage Landen* packraftcursus met aansluitend een toer op de Allier.

Overleven in wild water

Op de camping in Réotier ontmoeten we Servaes Timmerman. Hij leert ons varen in wild water. Voor hem een kennismaking met packrafts, voor een aantal van ons een kennismaking met wild water.

De cursus laat zich het beste beschrijven met beelden en een korte anecdote:
De derde cursusdag varen we op de Ubaye. Servaes vaart naar een eddy en vertelt ons om uit te stappen en het volgende stuk te gaan scouten: we moeten zelf de te varen lijn bepalen langs een aantal grote blokken. Servaes zal foto’s nemen aan het einde van de blokken. Ik stap uit en klauter op een groot blok. Jan-Ivo is klaar met scouten en komt net voorbij in z’n gele packraft.

02

De rest ziet er gemakkelijk uit, ik kijk niet verder en loop terug om te varen.
Het stuk dat ik net gescout heb is inderdaad niet moeilijk. Aan het eind ervan zwelt het geluid van de rivier weer aan. Een stroomversnelling…
Ik draai om het laatste blok heen en zie de stroomversnelling. Boven op een blok zie ik Servaes zitten. Op dat moment schiet het pas door m’n hoofd: “Servaes zit natuurlijk op het spannendste stuk klaar met z’n fototoestel.” Het spannendste stuk, het stuk dat ik niet gescout heb…

05

08

13

Twee dingen heb ik geleerd op deze cursus die ik niet meer ga vergeten:
1. Kajakkers zijn lui.
2. Hoe eet je stokbrood zonder je gehemelte te beschadigen.
… en misschien nog wel een paar kleine vaartechnische dingen. 😉

Cowboycamping langs de Allier

Het zijn prachtige dagen. Warm, 30C. Het is geen straf om zo nu en dan een golf koud water over je heen te krijgen. De Allier is afwisselend, rustige stukjes, dan weer wilder water, soms breed, soms zo smal dat je er maar net door kan met een packraft. We varen de hele dag en bivakkeren langs de rivier. Koken op het kampvuur en slapen onder de sterren, wat wil een mens nog meer.

P8250032   P8250041

15 16

P8250047   P8260060

P8270130 P8270144

P8280151

Misschien zijn het niet alleen kajakkers die lui zijn…

*) De groep bestond uit Belgen en Nederlanders.

Packraft upgrade

P8070096

Kajak ruggesteun

De redenen voor deze wijziging:
1. Beter stuurgedrag als gevolg van meer druk op de voorkant van de packraft. Grotere druk ontstaat doordat je net iets verder naar voren zit wat niet mogelijk is met het opblaaskussen van Alpacka.
2. Meer comfort doordat je niet meer tegen de harde rand van de achterkant van de cockpit zit.

De nieuwe ruggesteun weegt 260 gram, de originele opblaasbare ruggesteun van Alpacka weegt 54 gram.

Stap-voor-stap:
De basis voor deze kajak ruggesteun komt van Decathlon. We hebben het zitvlak van dit zitje verwijderd en de ruggesteun bewerkt met een soldeerbout. Het resultaat:

P8070092

De meegeleverde bevestigingen werken niet in de packraft. De gespen hebben we afgezaagd en vervangen door korte spanbanden. De spanbanden worden bevestigd aan de kniebanden in de packraft:

P8070093

Het zitje heeft de neiging om tijdens het varen af te zakken. Om dit tegen te gaan hebben we een ring gemaakt aan de onderkant van de ruggesteun. Met een touwtje wordt die omhooggetrokken in de packraft. Twee foto’s zeggen meer dan uitleg met woorden:

P8070094

P8070098

Abruzzo, terra dell’orso marsicano

Vliegen. Het is niet de eerste keer, maar écht wennen doet het nooit. “Ready for take-off”, het geluid van de motoren zwelt aan van een hoge piep naar een bulderende lawine van geluid. Als we in onze stoelen worden gedrukt door de versnelling kijk ik naar links. Tussen het raam en mij zit een oude Italiaan. Hij heeft geen woord gezegd sinds we instapten en heeft de hele tijd al een bedrukt gezicht. Vlak voordat de wielen loskomen van de grond slaat hij nog snel een kruisje. We zijn niet de enigen die vliegen minder prettig vinden. Pas anderhalf uur later als we landen in Italië ontspant hij.

P6140167

Italië, de Apenijnen. We hebben geen plan van dag tot dag, we hebben twee gebieden uitgezocht en gaan proberen om ze met elkaar te verbinden over de rug van de bergen. We weten niet precies hoe het terrein eruit ziet, of er wel of geen pad is en hoe snel we zullen zijn. We bekijken de voortgang van dag tot dag en maken het beste van het moment.

P6130133

Majella

De eerste dag in Majella vanuit het dal omhoog is er een pad, wat de tweede dag ook meteen weer verdwijnt zodra we goed en wel de graat oplopen. We zien soms nog een verdwaalde stip of rood-wit, maar hier wordt duidelijk nauwelijks gelopen. Het is lekker weer, gelukkig niet té warm. Omdat we door struiken moeten bushwacken gaat ’t niet zo snel als gehoopt. Onderweg zijn er geen waterbronnen, maar we hopen bij de herdershut uit te komen waar ook een bron is. Als we in de buurt van de herdershut komen, vinden we een beekje. Droog, geen goed teken. Bij de herdershut zelf is wel een bron, maar die staat ook al droog. Het water gaat op rantsoen.
We hebben een aantal -weliswaar oude- tochtverslagen gelezen, dus we hadden niet verwacht dat water zo schaars zou zijn. Hoe nu verder? Morgen doorlopen over de graat en hopen dat we onderweg water vinden, met het risico zonder te zitten?
De volgende ochtend kiezen we ervoor om af te dalen. We gebruiken de GPS als 21e eeuwse wichelroede. Een paar kilometer van de hut zou een bron moeten liggen: Fonte Orsana.

P6140157

Het eerste deel is steil maar nog met pad. Al vrij snel wordt het steil en padloos. Heel erg steil en echt padloos. Dwars door het bos komen we aan bij de bron. Droog. Er zijn genoeg diersporen en we zien dat hier echt wel eens water stroomt, maar niet nu. De volgende bron ligt weer een paar kilometer verderop. We kiezen ervoor om op de GPS dwars door het steile bos te lopen. Foute keuze, we verkwisten een paar uur en dwalen steeds verder af. We hebben nog een halve liter water en besluiten zoveel als kan te bezuinigen.
Als we een boom tegenkomen met daarin een poeltje regenwater kunnen we ons niet bedwingen. We drinken eruit via ons waterfilter. Nèt niet Bear Grylls, die zou een stukje holle tak van een boom afkappen en dat als rietje gebruiken. Of het water filteren door z’n oude sok. Wij gebruiken ons high-tech waterfilter. Het water smaakt goed.

P6140160

Uiteindelijk komen we in de buurt van de andere bron. Het zandpad wordt langzaam drassig. Verderop stroomt een beekje van een voet breed. Nog iets verder wordt het wat meer water en dan staat er ineens een gemetselde drinkbak. Water! Tijdens het vullen van onze waterzakken worden we tot twee keer toe gestoord door wilde paarden die blijkbaar ook dorst hebben.
Die avond lopen de wolven rond onze tent. Aan beesten geen gebrek hier.

P6150243

In Majella komen we een aantal keren mensen tegen die hop plukken. Zo ook op een ochtend: we zien mensen en twee grote witte honden. Als we voorbijlopen beginnen de honden met ons mee te lopen. Leuk. Hoe langer ze meelopen, hoe minder leuk het wordt. Waarom roepen ze hun honden niet terug? Het begint steeds irritanter te worden, tot we een half uur van de mensen verwijderd zijn. De honden maken nog steeds geen aanstalte om terug te gaan.
We hebben al helemaal geen zin om een half uur terug te lopen (en daarna weer een half uur terug naar hier!) om iemand anders z’n honden terug te brengen. We doen het toch maar, wie weet hoe lang ze anders nog mee blijven lopen?
Terug bij de plukkers moeten we de situatie nog uitleggen met twee woorden Italiaans en veel handgebaren. Communiceren gaat moeizaam, maar uiteindelijk lukt ‘t. Wat blijkt: Het waren zwerfhonden. Ze waren vanuit het dal meegelopen met de plukkers. Mooi is dat.

P6160290

P6170397

Gran Sasso

Een aantal dagen zal het silouet van de Corno Grande ons vergezellen. Het is nog te vroeg in het seizoen om de top te beklimmen, daarvoor zijn pickel en stijgijzers nodig. We lopen er daarom maar omheen, wat niet onder doet aan schoonheid.P6210527

Ondanks dat het hele gebied maximaal een dag lopen van de bewoonde wereld ligt, komen we bijna niemand tegen. Eén ochtend voor ons vertrek horen we zacht geplof in het dal. Tijdens het opbreken van de tent wordt het harder en harder. Een auto… Nee, het is een boer op tractor met een koe op zijn aanhanger. Als hij ons ziet doet hij de deur van z’n tractor open en roept iets in het Italiaans. “Sono Hollandese, non parlo Italiano.” Hij zet z’n tractor uit, stapt uit en komt naar ons toegelopen. We begrijpen dat hij op zoek is naar z’n kudde. Zijn kudde hebben we inderdaad gezien, gisteravond zijn die een stuk het dal door richting een bron gelopen. We wijzen waar we ze gezien hebben, knikken en zeggen “Acht, otto. Zes, sei grote en ehm due ehm” – “Si, due bambini!“, twee kleintjes inderdaad. We willen hem nog vragen of hij een koe of een stier in z’n aanhanger heeft staan en zeggen dat het niet vanochtend was dat we z’n kudde hebben gezien maar gisterenavond. Ons vertaalboekje komt woorden tekort dus na een tijdje bladeren en elkaar aankijken krijgen we een hand en vervolgt hij z’n weg. In ieder geval de goede kant op. De enige persoon die we zien die dag.

P6250698

P6210550 We overnachten tweemaal in Rifugio Duca degli Abruzzi, een groot contrast met overnachten in ons tentje. Waar we onderweg niemand tegenkomen wordt de hut overdag platgelopen met dagjesmensen. ’s Avonds overnachten mensen die de volgende dag naar de top gaan. We hadden het geluk om tijdens het eten een aantal mensen uit Rome te treffen die Engels spraken. Zo kwamen we wat meer te weten over hun reizen en over de eet- en drinkgewoonten van Italianen. Het was gezellig die avonds. Een oude, kleine en knusse hut, met vriendelijke huttenwaarden die graag uitleg geven over het gebied.P6300806

Foto’s

Klik hier om alle foto’s te bekijken.

Film

Bibliografie

Carta Escursionistica, Edizioni il Lupo
Gran Sasso d’Italia
1 : 25 000

Met aanvullingen van OpenStreetMap.

Praktisch

Water. Autonoom onderweg zijn in deze gebieden in de zomer is haast niet mogelijk. Begin juli waren een aantal bronnen al droog. Hoogzomer zijn er dorpjes in de buurt van Gran Sasso die een waterquota hebben, zo schaars is het water.
Teken. Vooral in Majella waren erg veel teken. Neem een tekentang mee en controleer jezelf elke avond!
Hutjes. Er zijn een groot aantal hutjes in beide parken. In Gran Sasso zijn ze bijna allemaal afgesloten. Vertrouw niet wat op de kaart staat aangegeven. Een extreem voorbeeld is rifugio San Nicola die op de kaart aangegeven staat als bemand, maar in werkelijkheid een ruïne is.
Paden. Sommige paden zijn niet aangeven, sommige zijn overwoekerd. Je moet kaart en kompas kunnen gebruiken. Padloos wandelen gaat niet zo snel, houdt daarmee rekening in je planning.
Honden. Er zijn veel zwerfhonden. Drie keer hebben honden tot een uur lang met ons meegelopen.

Eten als een oermens

Het gras is zeiknat van de dauw. We lopen door de Flevopolder, waar onze weg wordt gekruisd door talloze slakken. Naaktslak, huisjesslak, zover reikt onze biologische kennis wel. Als we later een huisjesslak op een plant zien zitten, blijkt onze kennis toch kariger dan eerst gedacht. Geen idee hoe die plant heet, hij komt ons wel vaag bekend voor.

P5280098

Om negen uur hebben we afgesproken met Bill Jonker, voor een workshop wilde, eetbare planten. We zijn met vijf cursisten, ieder met z’n eigen reden om deel te nemen. We worden welkom geheten met thee gemaakt van duizendblad en een snack, een stukje jonge aanwas van de den. Lokaal natuurlijk, geplukt op nog geen tien stappen van het kampvuurtje waarop de thee wordt bereid. De thee is verrassend lekker, net zoals de snack.

P5280102

De vuurplaats is ons klaslokaal. Het theoriegedeelte bestaat uit voorbeeldplanten en een fiche met uitleg over die plant. Hoe herken je ze, waar zijn ze voor te gebruiken, waar moet je op letten.
Al vrij vlot trekken we erop uit, de praktijk. Bill laat zien wat er in de nabije omgeving al aan eetbare planten te vinden zijn. En misschien wel belangrijker: we mogen proeven. Het bos dat we ingelopen zijn verandert langzaam in een goed gevulde supermarkt. Verschillende smaken, vormen en texturen zijn volop verkrijgbaar.

P5280130

De tijd vliegt voorbij en voor we het weten wordt het tijd om de lunch te gaan voorbereiden. Bill vertelt over hoe je klis herkent, waar je op moet letten om het niet te verwarren met het giftige vingerhoedskruid. Daarna gaan we op pad om er zelf een paar uit te graven, de wortel ervan wordt onze lunch. Terwijl we driftig aan het graven zijn, vindt Bill een pastinaak. Deze zit goed vast in de stevige kleigrond, maar we kunnen deze smaakmaker niet laten staan.

P5280177

De lunch bestaat uit een stoofpotje van klis-wortel, pastinaak, eekhoorntjesbrood, brandnetels en korstmos. Het smaakt goed en het verbaast ons hoe goed dit kleine maal vult.

P5280212

Als zijsprong oefenen we nog met het twijnen van touw gemaakt van brandnetels en maken we een zitmatje van riet. Langzaam rollen de onweerswolken binnen. Als de eerste druppels vallen, nemen we afscheid. Terugkijkend hebben we erg veel geleerd vandaag. Zonde eigenlijk, dat deze kennis in pakweg een eeuw tijd verloren is gegaan.

We lopen terug langs dezelfde weg als we ’s ochtend gekomen zijn. Deze keer herkennen we veel bomen en struiken en kunnen we ze bij naam noemen. Was biologie vroeger op de middelbare school maar zoals vandaag geweest …

P5280251

Foto’s

Klik hier om alle foto’s te bekijken.

Norge pȧ Tvers

P3170461

Norge pȧ Tvers, Noorwegen overdwars. Een route die ontwikkeld is door de toeristenvereniging van Trondheim en ongeveer de 63e breedtegraad volgt, van de zee in het westen tot de Zweedse grens. We maken een eigen interpretatie van deze route.

P3060052

De eerste dagen komen we maar een handjevol mensen tegen onderweg en niemand in de hutten. Het is nog geen Pasen (Pȧske), dè tijd waarin veel Noren de lange latten uit het vet halen en de sneeuw opzoeken. Vanwege deze paasdrukte worden dan de routes tussen de DNT hutten “uitgepaald” met wilgentakken. Dat is veel gemakkelijker navigeren. Het is nu nog verre van Pasen en er zijn dan ook nog geen wilgentakken. Een goede navigatieoefening in de sneeuw. Bij de Ramsjøhytta komen we een vrijwilliger tegen van de DNT, één van de mannen die elk jaar de wilgentakken neerzet. In dit deel van Noorwegen ruilen ze de wilgentakken langzaam in voor het systeem van hun oosterburen: vaste dikke palen. Dat scheelt ze een bult werk elk jaar.

P3080211

Bij Storeriksvollen zijn we voor de eerste keer deze tocht niet alleen in een hut. Het mooie weer blijft maar aanhouden en we twijfelen of we niet een dag extra in de bergen blijven. Fijn om dan even wat tips te vragen aan de andere gasten. We besluiten om niet één maar twee Zweedse hutten aan te doen. De Noren die we hier treffen geven ons groot gelijk om de extra dag die we hebben te besteden in de Zweedse bergen in plaats van in een stadje. Ze lachen er wel een beetje bij, want de Zweedse hutten zijn toch echt anders dan de Noorse…

P3080220

De volgende middag komen we aan in onze eerste Zweedse hut. Hut, misschien is het meer een hotel. Je kunt er geen driegangen diner bestellen, maar er is stromend water uit een kraan, warm en koud, elektriciteit en er is zelfs internet. En dat in the-middle-of-nowhere. Luxe maar ook een beetje onwennig, want de sfeer is ook meteen anders. In de hutten waar we tot nu toe waren, steek je ’s avonds een kaarsje aan om licht te hebben en drink je met de andere gasten een bakje koffie. Je praat over de dag, over ‘friluftsliv’ en bijvoorbeeld over de verschillen tussen Nederland en Noorwegen. Nu, in de grote ruimtes verlicht met tl-balken is de gezelligheid en persoonlijke aandacht ook meteen weg. Ik doe de deur open en kijk naar mensen die voorovergebogen met hun telefoons spelen. Op een bepaalde manier is het vooruitgang om deze mooie plekken toegankelijk te maken voor iedereen, maar de typische huttensfeer is er verloren.

P3090341

De volgende dag komen we al vroeg op de route een Zweedse diplomaat tegen. Hij herkende aan ons accent al dat we Nederlanders zijn. We mogen voorgaan op dit steile stuk naar beneden. Terwijl ik nog even aan het praten ben, is Charissa al naar beneden gevlogen. “De steilte valt wel mee, dit is goed te doen”, zegt hij nog als ik vertrek. Met knikkende knietjes kom ik beneden. Zo snel en zoveel ijzige rillen waar de ski’s in- en uitflapperen…

Een stuk verder zijn we weer aan het stijgen. Van achter een rotsblok komt rustig een hond aanwandelen. Normaal komt er dan ook vrij vlot een mens achteraan. Deze keer niet. Toch maar eens de verrekijker erbij. Een hond, denk ik, misschien is het wel een vos. Hij kijkt terug, twijfelt heel even en rent dan de andere kant op. Ja, toch een vos, duidelijk nu. Niet de eerste keer dat we een vos tegenkomen, maar wel een van de langere momenten.

Eergisteren bij Storeriksvollen hadden we een beest gezien die we nog nooit eerder gezien hadden: een hermelijn. Die at mooi de afvalresten op… en de muizen. Hij blij, wij blij.

P3090349

De laatste avond delen we de slaapzaal met een stel Schotten met wie we wat praten. Als we de volgende dag afdalen naar het dal, komen we ze nog een paar keer tegen. Het valt op dat, ondanks dat ze wat ouder zijn, toch in een flink tempo doorgaan.

Een paar dagen later vervelen we ons alweer, wachtend op het vliegveld. Ik kom een update tegen van klimmer Dave MacLeod, hij heeft een nieuw filmpje gemaakt, meteen maar eens kijken. We zien iemand rennen door de Schotse heuvels, half vallend in de drassige grond. Stukjes over een jeepspoor, dan weer door de bogs. Een oude Landrover rijdt omhoog. Dan een close-up van de bestuurder. Tegen de tijd dat ik de gedachte verwerkt heb dat ik deze persoon al eens eerder heb gezien, zitten we middenin een interview waarin hij z’n naam zegt. Ja, inderdaad! Ik had gelijk, met hem hebben we aan tafel gezeten in de laatste hut in Zweden. Niet geweten dat we met een bekende Schot van doen hadden.

Foto’s

Klik hier om alle foto’s te bekijken.

Film

Bibliografie

DNT, Nordeca
2742 Merȧker Sør
1 : 50 000

Met aanvullingen van Turkart UT.no en Sveriges Länskarta.

Packrafting Schweiz

15

19

Ingrediënten voor een weekend vol met waterplezier:
– Mooie omgeving, liefst met herfstkleuren.
– Fijne mensen die meegaan.
– Zon!
– Genoeg water in de rivier en voldoende stroomversnellingen.
– Een houtvuur om ’s avonds weer op te warmen.

11

10

16

34

Laat dat nu helemaal zijn goedgekomen op de Vorderrhein en Hinterrhein in Zwitserland.

25

Foto’s

Klik hier om alle foto’s te bekijken.

Film

Alaska rocks

147

Two Cheechakos* travelling to the last Frontier

De meeste reizen die we gemaakt hebben spelen zich af in Europa. Deze keer vertrekken we naar de andere kant van de wereld, naar the last Frontier, de laatste wildernis: Alaska.

A frontier is never a place; it is a time and a way of life. Frontiers pass but they endure in their people.
– Hal Borland

We zijn hier naartoe gekomen om deze wildernis te beleven, de uitgestrektheid die we in het kleine en bevolkte Europa niet kennen. Geen enkele kaart doet recht aan deze uitgestrekheid. Normaal lopen we op wandelkaarten met een schaal van 1:25 000, nu liepen we op kaarten met een schaal van 1:225 000, de schaal van een wegenatlas. We beginnen pas gevoel te krijgen voor de schaal van het landschap als we Anchorage uitrijden. Aan het einde van de Knik Arm opent het landschap zich plots: we rijden een vlakte in en zien de bergen in het noorden. Het duurt meer dan een uur voordat we met de auto aan de voet van de bergketen zijn. Een tijd waarin we thuis half Nederland al zijn gepasseerd.

Later lopen we over de Kesugi Ridge ten oosten van de hoogste berg van Noord-Amerika, Denali. Tussen de bergkam waar wij over lopen en het massief van Denali ligt een groot bos en de brede Chulitna rivier. Denali heeft zijn eigen microklimaat zoals zoveel hoge bergen en hult zichzelf in mist en regenwolken voor twee-derde van de tijd. We lopen er al twee dagen en zouden prachtig uitzicht op de berg kunnen hebben als de berg zin heeft om zich van zijn dikke grijze jas te ontdoen. Deze dagen zien we alleen het voorgebergte met een paar stevige gletsjers. Wanneer Mount Hunter die naast Denali ligt een keer door de mist prikt, valt onze mond open: geen idee dat er in de wolken zo’n machtige berg verstopt zat!
128

De volgende ochtend lopen we terug omhoog de bergrug op. Onderweg hebben we het over de afgelopen nacht: de harde wind zorgde voor een flink klapperend tentdoek. De wind heeft gelukkig ook voor een wolkenloze hemel gezorgd, de zon schijnt. Wanneer we bovenaan de bergrug komen krijgen we het uitzicht waar we de voorgaande dagen al op gehoopt hadden: Denali, bijna anderhalf keer zo hoog als de indrukwekkende Mount Hunter van gisteren. We zijn met stomheid geslagen, hoe heeft deze gruwelijk grote berg zich schuil kunnen houden achter die paar wolken de afgelopen dagen?

144

Dit gaat al ons gevoel van schaal te boven. We besluiten spontaan om een dag langer bij Byers Lake te blijven, zo indrukwekkend is het landschap. Als we in Talkeetna zijn, 100 km hiervandaan, steekt Denali nog steeds boven het landschap uit. Indrukwekkend.

158

165

Het is niet alleen de natuur die indruk op ons maakt aan deze kant van de wereld. Het meeste zijn we geraakt door de mensen hier, maar daarover later meer.

The Alaskan people are a population generally set apart by their unrestrained spirit and ability to make life happen in a most delightful manner under the some of the most un-delightful circumstances.
– Bob Huck

*) Cheechako, groentje, een nieuweling in het noorden (een term gebruikt ten tijden van de Klondike).

Beren

In Europa staan we als mensen altijd bovenaan de voedselketen: alle beesten zijn bang voor ons. De paar beren die we hier nog hebben zijn zo schuw dat ze schrikken van hun eigen schaduw. In Alaska is dat anders, daarom hebben we ons goed voorbereid voor bear country. Voorbereiden is één ding, maar er daadwerkelijk zijn, ondervinden en voelen is heel iets anders.

We rijden naar ons vertrekpunt bij de Kings River met de shuttle bus. Don is onze chauffeur, honkbalpetje, grote baard, geruit shirt aan en een buikje. Hij praat graag en veel, waaronder ook vele grapjes. “Hey guys, you know the difference between scat from a black bear and that of a grizzly? No? Black bear’s scat is filled with seeds, berries, etc. Grizzly’s is filled with bear bells, bear spray, hiking boots, …” Zelf lacht hij er het hardst om.

Het is nog ochtend als we het bos in stappen. Een dicht bos. De wind waait en de bladeren ritselen. Het ruikt naar denneboom. Ondanks dat alles er normaal uit ziet, maken onze hersenen overuren. Waar is de verrekijker? Is dat een boomstronk in de verte, of is dat een beest? Moeten we de berebel hier ook al gebruiken? Het normale bos verandert in ons hoofd in een gang met achter elke struik een groot harig monster, klaar om ons de stuipen op het lijf te jagen. We zien pootafdrukken en poep. Dan komen we aan bij de doorwading van Kings River.

003

004

Het idee is om de eerste dag tot boven de boomgrens te lopen. Dat gaat niet meer lukken vandaag. Vooral Charissa heeft geen moment kunnen ontspannen in de uren die we gelopen hebben. Laat staan kunnen genieten van dit ruige landschap. We nemen een lastige beslissing om de tocht die we goed voorbereid hadden achter ons te laten en terug te keren naar de asfaltweg.

Op de terugweg zie ik meteen een verandering bij Charissa. Ze is nu al wat meer ontspannen, bijna opgelucht, terwijl we door hetzelfde landschap lopen als daarnet. Het gevoel van zo’n ondoordringbaar bos is moeilijk te doorgronden en al helemaal niet rationeel te benaderen. Tom Waes zegt het mooi: “Bear country, land of light sleep.”

We keren terug en worden geholpen met het uitstippelen van nieuwe tochten. We gaan wandelen door wat opener terrein waar we wat meer andere mensen tegen zullen komen. “Meer” is hier relatief. Als we vier wandelaars tegenkomen per dag is het veel.

We lopen over de Resurrection Trail en ons water is op. Vers water is nooit ver weg, de trail loopt langs de Resurrection Creek. Charissa gaat water halen. “Ik zie een beer, een zwarte!” Hij heeft ons niet gezien, we staan benedenwinds dus hij heeft ons ook nog niet geroken. Hij is maar een meter of vijftig van ons weg en staat aan de andere kant van de rivier, ook hij heeft dorst. We roepen maar hij ziet ons nog steeds niet. Hij heeft wel iets gehoord, maar weet niet wat, want hij richt zich op om beter te kunnen waarnemen. Op het moment dat hij ons ziet, stuift hij weg. We zien struiken tientallen meters van de bosrand nog schudden als hij erdoorheen rent. We hebben een beer gezien, en hij reageert precies volgens het boekje.

041

042

Bear country, land of light sleep.
– Tom Waes

Ik heb op twee momenten met de bearspray in de hand gestaan: De eerste keer toen ik in de tent aan het rommelen was en van achteren beslopen werd door een hond. Die kwam ineens uit de struiken zetten met veel geritsel. Voor ik het in de gaten had stond ik buiten de tent met de bearspray in m’n hand. Z’n baasje zei later: “Misschien moeten we hem een bel omdoen, hij heeft nogal de neiging om mensen te besluipen.” Misschien inderdaad een goed idee, ook voor z’n eigen bestwil.

De tweede keer zat ik net achter een struikje om die van de nodige mest te voorzien toen ik geroffel hoorde. Het geluid leek op een zwaar beest dat in volle gallop aan kwam stormen. Ik kijk de berg omhoog en (met m’n broek nog langs m’n enkels) heb de bearspray in mijn hand. Niks. Als ik omkijk zie ik dat Charissa haar packraft aan het ontdoen is van zand en steentjes voordat ze die gaat oprollen. Om de steentjes eruit te halen roffelt ze met haar handen op de onderkant…

Aan het begin van de Resurrection Trail komen we een oude Alaskaan tegen op een fiets. “You guys have some bear protection with you? Just saw some blackies down the road, big ones.” Hij moet ze weggejaagd hebben, want wij hebben ze niet gezien. Of het was een sterk staaltje Alaskaanse humor.

Sourdoughs*

Voordat we naar Alaska kwamen kenden we het land alleen van Discovery Channel: goudzoekers, tonijnvissers, loggers, ruw volk in een ruw land. Wat hadden we het verkeerd.

[…] it is the people of the place and the joy filled insanity that gave me years of adventure and laughter and who are the source of the memories that truly make my heart of hearts smile with abundance and an awesome gratitude.
– Bob Huck

Er is hier geen openbare buslijndienst en maar één spoorlijn. Toen we terug wilden van onze eerste tocht was er geen andere mogelijkheid dan liften. Als we later plannen maken voor nieuwe tochten krijgen we ook het advies: “You should hitchhike your way across Alaska. It is easy, a lot of fun and you’ll meet a bunch of interesting people.” Niets was minder waar.

114

De eerste dag van onze eerste trail was lang, zwaar en vol met bere-stress. Liftend kwamen we uit in Palmer, één stadje voor Anchorage. In theorie zouden we nu binnen een uur in Anchorage kunnen zijn. In de praktijk proberen we een uur lang om een lift te krijgen, tevergeefs. We waren kapot en het werd tijd om een tentplek te zoeken en morgen opnieuw te proberen Anchorage te bereiken. Juist op dat moment stopt een auto en ontmoeten we iemand die “even” 150 km op en neer rijdt naar Anchorage, ondanks dat hij zelf een kwartier rijden verderop woont. Wat waren we blij met hem.

In totaal hebben we negen maal gelift, bijna 400 kilometer. Allemaal werden we meegenomen door locals, de toeristen in campers reden allemaal door. Het viel ons op dat de locals het oprecht leuk en interessant vinden om je mee te nemen en te luisteren naar wat je hebt meegemaakt, waar je vandaan komt en hoe het daar is. Ook zij vertellen over hun land en wat ze doen en zijn daar trots op. Misschien is het juist wel de verre afstanden tussen dorpen, het wisselende weer, de sterke natuur in dit land die ervoor zorgt dat mensen meer op elkaar zijn aangewezen en daarom ook meer bereid zijn om elkaar (en twee rugzaktoeristen) te helpen. Wij vonden het in ieder geval een hele ervaring en prachtig om zoveel mensen te ontmoeten die zo open en trots op hun land zijn.

164

*) Sourdough (zuurdesem), een oud-gediende in Alaska, een naam die zijn oorsprong vond in de zuurdesem gebruikt door de goudzoekers omdat ze geen gist hadden.

Dankwoord

Alastair Humphreys schreef ooit: “Most of my memories of people are from the briefest of connections.” Deze reis heeft ons pad zich gekruist met talloze andere mensen. Een aantal van hen zijn we dankbaar en ondanks de briefest of connections zullen deze ontmoetingen in ons geheugen blijven staan.

Casey, dank je wel voor de ongelooflijke lift op een moment dat we er echt doorheen zaten.
Base Camp Anchorage: Eric, Nate, Ole, bedankt voor de goede zorgen, de nieuwe ideeën voor mooie tochten en het lenen van de wandelstokken toen onze set verdwenen was.
Patrick & Harlow, bedankt voor de aansteker toen de onze het had begeven, voor de goede ideeën, en de gastvrije uitnodiging.
Terri, dank voor het stoppen in de stromende regen om twee drijfnatte peddelaars een lift te geven.
Joel, dank je voor de talloze inspirerende gesprekken tijdens de koffie.

Foto’s

Klik hier om alle foto’s te bekijken.

Film

Bibliografie

Verschillende kaarten rond de Talkeetna Mountains
1 : 63000
Beschikbaar via http://store.usgs.gov/

Kaarten van heel Alaska
DeLorme Alaska Atlas & Gazetteer
1 : 300000 tot 1 : 1200000
ISBN 0-89933-289-7

222: Denali National Park
National Geographic Trails Illustrated
1 : 225000

Backcountry Bear Basics, second editions
The mountaineers books
Dave Smith
ISBN 978-1-59485-028-8

Gelopen trails

Trail langs Kings River
Coastal Trail (per fiets) in Anchorage
Rond Spencer Lake, daarna per packraft over Placer River
Resurrection Trail van Hope naar Cooper Landing
Mount Marathon
Lost Lake Trail en Primrose Trail van Seward tot Primrose
Kesugi Ridge Trail