Petit tour des Écrins

Het is nacht, we zouden al moeten slapen, maar hebben onze kleren nog aan. En we liggen onder ons matje in plaats van erop. Wat is er aan de hand?

We zijn in de Ecrins. De hele week is het al mooi weer. Vandaag zijn we aangekomen bij Lac de la Muzelle waar velen aan het water liggen te genieten van het prachtige weer. Aan het begin van de avond komen er vanuit het dal wolken binnendrijven. “Het gaat nog onweren vanavond.”, Charissa weet het zeker.

Ondertussen halen de herders hun schapen naar beneden. Ze zullen ze wel beneden willen hebben nu er slecht weer komt. We zitten een half uur te kijken hoe het dal zich vult met schapen. Ze komen steeds dichterbij. Tussen de schapen lopen Patou’s, grote waakhonden van de kudde. Ze worden in de kudde geboren en daarom geaccepteerd door de schapen. Als er gevaar dreigt, gaan de Patou’s erop af, blaffend, grommend en bijtend. We tellen er minstens vier.

Bij Lac de la Muzelle staan wel twintig tentjes. De Patou’s zijn deze kampeerders gewend: daar waar de schapen naartoe gaan, inspecteren de Patou’s de tentjes. We zetten een kopje koffie en zien het tafereel zich een paar keer voor ons herhalen. De schapen staan nu nog aan de andere kant van een beekje. Als de koffie op is, spelen drie Patou’s aan de andere kant van de beek. Ze rollen over elkaar heen. Is dit spelen of zijn ze aan het bepalen wie van hun de baas is? We kijken even weg en als we terugkijken staan twee van de Patou’s naast ons. Inspectie. Eéntje snuffelt aan onze tent en kijkt er even naar binnen. De andere snuffelt een beetje aan ons.

Het is mooi en spannend tegelijk. Mooi omdat je normaal nooit zo dicht in de buurt van deze machtige honden kunt komen. Spannend omdat we al eens per ongeluk in het midden van een kudde schapen terecht zijn gekomen. Toen kwamen twee Patou’s op ons afgerend, luid blaffend. Ze lieten al hun witte tanden zien. We wisten niet hoe snel we rechtsomkeerd moesten maken. De rest van die tocht zijn we met een grote boog om alle schapenkuddes gelopen. Ook als we die dag daarom langer moesten lopen. Mooi om een keer zo dicht bij Patou’s in de buurt te komen zonder dat ze aggressief zijn.

We hebben de afgelopen jaren aan verschillende herders gevraagd of het een probleem is als je met een tentje bivakkeert en er komt een kudde schapen aan. Allemaal zeggen ze hetzelfde. Schapen en Patou’s denken zoals alle andere dieren: als je er bent voordat zij er komen, dan ben je onderdeel van het landschap. Dat is geen probleem. Als je aan komt lopen als zij er al zijn, dan ben je een indringer. Deze ervaring bevestigt dit.

Ondertussen gaat de zon langzaam onder en drijven de wolken steeds meer onze kant op. Net als we willen gaan slapen, begint het te regenen. Dan bliksem. Het regent harder. Het geluid zwelt nu wel aan tot een oorverdovend geraas. We knippen een lampje aan. Dit is geen regen meer, dit is hagel. Het onweer komt steeds dichterbij en de hagelstenen worden steeds groter. Tweehonderd meter verderop ligt een berghut, mocht het nodig zijn dan kunnen we daar altijd terecht. We vertrouwen dit weer niet en maken ons klaar om weg te gaan. Slaapzak in de rugzak, kleren aan. Als we wat tegen elkaar willen zeggen, moeten we roepen, zoveel geluid maakt de hagel op het tentdoek. De hagelstenen hebben inmiddels een doorsnede van 3 cm. Ze laten onze tarp bewegen alsof we onder een trampoline liggen. Charissa komt per ongeluk te dicht bij het tentdoek en wordt geraakt door zo’n grote hagelsteen. Dat wordt een blauwe plek. Onder onze matjes is het veiliger, mocht het doek scheuren, dan krijgen we deze knikkers tenminste niet meteen tegen ons hoofd.

Gelukkig duurt het niet lang. Als we na de bui buiten gaan kijken, staan we in een witte wereld. Het beekje waar we langs staan is breder en wilder geworden. Bij bijna alle tentjes is een lampje aan nu.

De rest van de nacht is rustig. We slapen heerlijk en de volgende dag is het weer stralend blauw. Dit was weer eens een nacht in de bergen om nooit te vergeten. Of zoals Alastair Humphreys schreef: “A night spent under the stars is unlikely to offer the best sleep of the year, but it is refreshing and restorative in other ways that make up for it. If you simply want to sleep, stay inside. But if you are searching for magic and memories then grab your sleeping bag and head for the hills.”

Praktisch

De ‘inspiratie’ voor deze tocht komt van een verslag van Yanick.

Deze route loopt voornamelijk over de GR54. Omdat de etappes relatief kort zijn, hebben we nog wat uitstapjes gemaakt. Het is gemakkelijk om dezelfde dag nog naar een top, een col of een ander hoog punt te lopen voor een mooi uitzicht. Tips: Tête de la Rame, Col de Côte Belle, Pierre Percée tot de Glacier de la Muzelle.

Dit deel van de Ecrins is een ruig gebied met goed onderhouden paden. Je gaat hier zeker gemzen, steenbokken en gieren zien!

Foto’s

Klik hier om alle foto’s te zien.

Bibliografie

Wandelkaart 355 Écrins, Haut-Dauphiné, 1 : 50 000, édition Didier Richard uit 1994.

Een gedachte over “Petit tour des Écrins

  1. Dag charissa, dat is lang geleden dat ik iets van jullie prachtige reizen heb vernomen. Heel mooi weer! Hoe gaat het met jou? Ik denk nog geregeld aan je hoe het met je is , hoe het je vergaat?
    Groetjes Jacqueline. Xx

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s